Harm Bijland
In Friese dorpen staan nogal wat oude scholen leeg. Dat maatschappelijke vastgoed kan uitstekend herbestemd worden voor sociale woningbouw voor dorpelingen. Harm Bijland uit Stiens ontwikkelde de visie en heeft er goede ervaringen mee.
„Zo hebben we eerder een mooi woonproject gerealiseerd in Spannum en gaan we nu aan de slag in Oosterbierum. Wat ons betreft kunnen de woningen aan het eind van het jaar klaar zijn. Het is een mooi voorbeeld van goede samenwerking tussen Dorpsbelang, gemeente Waadhoeke en ons. De voormalige basisschool stond daar leeg. Tegelijk was er in het dorp veel vraag naar sociale woningbouw, naar betaalbare woningen. Het is gelukt om met elkaar het plan te maken dat we nu realiseren. Er komen zes huurappartementen in; vier voor Oosterbierumers en twee bestemd voor mensen die de gemeente aandraagt uit het sociale domein.”
De visie op lokale sociale woningbouw in leegstaand maatschappelijk vastgoed in dorpen is in de kern eenvoudig. Harm Bijland: „In veel dorpen zie je ouder maatschappelijk vastgoed, zoals scholen of dorpshuizen, vaak jaren leeg staan. Er is geen geld ze te onderhouden, dus het verloedert in de loop der jaren. Je weet ook dat die oorspronkelijke functie niet meer ingevuld wordt. Scholen zijn groter geworden en keren niet terug in het dorp.”
Geen sloop, maar hergebruik
„Woningbouwcoöperaties en grote projectontwikkelaars vinden het niet interessant, omdat ze de gebouwen of te oud of te klein vinden. Met onze visie op herbestemming van dat vastgoed, komt er juist weer op korte termijn een duurzame en sociale invulling voor het dorp. En het slopen van die panden draagt zeker niet bij aan de oplossing!”
„Als je dat doet, heb je dubbele kosten: de sloop en de nieuwbouw. Dan ben je sowieso veel duurder uit dan bij herbestemming. Eenmaal gesloopt heb je een mooie maar relatief kleinschalige locatie, waar sociale woningbouw niet meer loont. Wat je dan ziet gebeuren, is dat er koopwoningen op zo’n beeldbepalende plek komen, die vaak worden gekocht door mensen van buiten het dorp. Daarmee los je het lokale woningvraagstuk ook niet op. Door in te zetten op herbestemming naar sociale huurwoningen voor dorpelingen, draag je bij aan de leefbaarheid van het dorp.”

Samenwerking Dorpsbelangen en gemeente
„Juist de mensen in de dorpen kennen de problematiek van te weinig betaalbare woningen voor dorpelingen en de toenemende urgentie. Daarom is het zo belangrijk dit vraagstuk met de Dorpsbelangen samen op te pakken. Zij kennen de lokale situatie en de woningbehoefte. De gemeente is de tweede belangrijke factor. Vaak is ze eigenaar van dat maatschappelijke vastgoed en in alle gevallen is ze de vergunningverlener. Via haar kan bovendien het sociale domein erbij betrokken worden. Ze heeft immers de wettelijke taak om voor een deel van haar inwoners, woonruimte te regelen. Juist door het grootste deel van de woningen in de planvorming te bestempelen als ‘bedoeld voor bewoning door eigen inwoners’ blijven die huurwoningen ook behouden voor mensen in het dorp.”
„Behalve te sturen op het hergebruik van al jaren leegstaand maatschappelijk vastgoed, is het belangrijk te zorgen voor verduurzaming van de woningen die je realiseert. Daarom gaan we in onze visie uit van toekomstbestendige, goed geïsoleerde, gasloze huurwoningen. Daarmee beperk je direct ook op langere termijn de woonuitgaven voor toekomstige huurders.”
Regie op tijd en kosten
Welke uitdagingen kom je tegen bij het realiseren van deze woningen? Harm Bijland: „Als je de uitdagingen samenvat, gaat het over het beheersen van kosten en tijd. Zoals ik zei, het vastgoed staat er al, de Dorpsbelangen kennen de problematiek en de urgentie en ook de gemeenten willen graag het beste voor hun dorpen. Lokaal een goed plan maken, is prima te doen. Wij durven gerust de handtekening te zetten en te zorgen voor de bouwkundige transformatie.”
„Maar juist in de uitvoering van het plan, vanaf vergunningverlening, zie je het lastiger worden. Het zit in beperkingen vanuit wet- en regelgeving, hoe begrijpelijk die op zichzelf ook mogen zijn. Het beperkt je slagkracht. Het zorgt -in onze ogen- voor een vaak nodeloze stapeling van kosten, bovenop de toch al gestegen bouwkosten. Zeker in sociale woningbouw geldt dat het ook in de uitvoering efficiënt moet zijn. Daarom is het belangrijk een regisseur te hebben met mandaat, die over tijd en kosten waakt. En die alle betrokkenen, Dorpsbelang, gemeente en ons, bij de les kan en durft te houden: als je zegt dat je graag wilt, moet je ook concreet en tijdig leveren.”
In het dorp, voor het dorp
„Deze visie op de transformatie van leegstaand maatschappelijk vastgoed naar sociale woningbouw voor en in de dorpen hebben we ontwikkeld, omdat ze overal toepasbaar is. Wij kopen het vastgoed, transformeren het in overleg met het dorp en gemeente naar sociale woningbouw, verhuren de woningen in samenspraak met beide partijen aan de inwoners en wij doen het beheer. Met een goede regie op de uitvoering, kun je in relatief korte tijd op een duurzame manier het maatschappelijk vastgoed sociaal herbestemmen.”





